''Keek op de week'' (05-21)

Politici

Wij hebben de afgelopen week de politieke partijen in de Tweede Kamer gevolgd en kunnen zien en horen hoe de politici elkaar daar te lijf gingen.

Wat ons het meest verwonderde was, dat fractievoorzitters van partijen elkaar beschuldigden. Ongelofelijk, dat de fractievoorzitters zich zo verlaagden en dat ze vergaten waar het werkelijk over ging.

Het is werkelijk tenenkrommend. Dit laat zien dat wij in een ikke-ikke maatschappij leven. Zelfs degenen die het voorbeeld zouden moeten geven doen dit totaal niet. Het lijkt erop dat zij alleen voor zichzelf en het partij- belang op het pluche zitten. Dit vinden wij onbehoorlijk. Waarom niet één lijn trekken? Kamerleden moeten niet elkaar de maat nemen en elkaar beschuldigen van alles en nog wat. En dan zitten we ook nog midden in een crisis. Zijn dit de mensen die er voor ons allemaal moeten zijn en voor ons moeten opkomen? Nu, dan heb ik er een hard hoofd in. Gelukkig zijn er een paar die weten waarom ze in die Tweede Kamer zitten en het ons ook laten zien. Laten we hopen dat die anderen dat ook gaan zien, en hun gedrag gaan veranderen. Maar ook in de lokale overheid kan je dit gebrek aan samenwerking tegenkomen.

 

Toekomst van de jongeren.

Afgelopen week was er een werkvergadering, waar KSGW ook bij aanwezig was. Een aantal presentaties wat betreft de WMO waren aan de orde. Ook de jeugd werd besproken.

Wat mij opviel bij deze laatste presentatie was, dat alles wat de gemeente voor deze jongeren doet, heel positief werd gebracht. Er zijn contacten, en er zijn al 2 jongeren geregistreerd die wat willen betekenen voor de anderen om de onderlinge contacten te verbeteren. Maar we horen andere berichten als je met de jongeren zelf spreekt.  Zeker van die jongeren die uit de VMBO en de sociaal zwakkere milieus komen. Natuurlijk is het zo dat veel problemen die jongeren ervaren, niet door de huidige crisis zijn ontstaan, maar de crisis heeft ze wel degelijk versterkt.

 

Ook psychologen schetsen een somber beeld van een onderschat probleem.  Veel jongeren zijn eenzaam, missen structuur en hebben stoornissen in hun ontwikkeling, en die kunnen later voor grote maatschappelijke problemen zorgen. Wij denken dat de leerlingen uit de sociaal zwakkere milieus bijzondere aandacht nodig hebben. Daar helpt geen mooie presentatie aan waarin verteld wordt dat een aantal jongeren een gesprek heeft gehad met de burgemeester. Gelukkig wordt er iets van actie ondernomen, maar dit is lang niet genoeg als er verder niets mee wordt gedaan. Wat wij ook zien is,  jongeren uit de sociaal zwakke milieus. Wij denken dan aan de gezinnen waar de jongere geen eigen kamer heeft, geen eigen laptop of tablet waarop je mooie educatieve programma’s kunt volgen. Vaak is het ook nog zo dat vader en moeder niet kunnen helpen met het huiswerk en zelf last hebben van stress. De ongelijkheid in het onderwijs neemt nu heel snel toe, in Friesland krijgt meer dan 10% van de kinderen/jongeren jeugdzorg, en in sommige klassen in het onderwijs heeft de helft van de kinderen ‘een rugzakje’

 

Deze jonge generatie loopt schade op. Er is geen brancheorganisatie die het voor ze op neemt.  Als we zien dat de ondernemers goed worden geholpen waarom dan niet deze jongeren, die wel degenen zijn die de toekomst voor ons land zijn. We zullen over een aantal jaren gaan zien wat deze aanpak vanuit de overheid ons heeft opgeleverd. Wat we al vaker hebben gezegd is dat iedereen een volwaardige plaats moet hebben in de samenleving.

Tijdens de Raadsvergadering van 25 januari heeft de heer Dirk Peters de raad toegesproken over het onderwerp:

Ontwikkelen intensieve geitenhouderij Boekelterweg 11 te Boijl.

Op de Boekelterweg in Boijl is veel onrust ontstaan na kennis genomen te hebben van de vergunningsaanvraag door de Firma Schep voor een nieuw te ontwikkelen geitenhouderij. De achterliggende redenen van de aanvraag is, de boerderij goed te kunnen verkopen aan een andere agrarisch ondernemer. Aan de Boekelterweg 11 is nu nog een veehouderij van 41,5 hectare gevestigd. Een nieuwe eigenaar wil er een geitenhouderij beginnen. Het college bevestigde dat er een vergunningsaanvraag is ingediend(omgevingsvergunning). Opvallend is dat het in de aanvraag gaat om het ‘verbouwen en uitbreiden’ van een melkgeitenbedrijf. Zo’n bedrijf zit er nu dus niet: er zit nu een melkrund-veehoudersbedrijf. Het gaat om een nieuw bedrijf met bijna 2000 geiten en 80 paarden. In een straal van 200 meter bevinden zich tien woningen en drie recreatiebedrijven. Daaronder Natuurterrein Bekhofschans, waarvan de heer Dirk Peters sinds 2002 de eigenaar is.

 

Toen wij een paar weken geleden hoorden van deze problematiek, hebben wij een onderzoek ingesteld. De geitenhouderij is al jaren een onderwerp van discussie. De RIVN en GGD geven aan dat bewoning binnen een straal van 1,5 kilometer afstand van een geitenhouderij niet gewenst is. Uit het VGO 3 onderzoek (onderzoek veehouderij en gezondheid omwonenden) blijkt dat mensen die in het VGO-gebied wonen binnen 2 kilometer van een veehouderij, gemiddeld 25% hogere kans op longontsteking hebben dan mensen die in hetzelfde gebied op meer dan 2 km van een geitenhouderij wonen. De gevolgen van de Q-koorts liggen nog vers in ons geheugen.

 

De veehouderij is in de laatste jaren enorm veranderd. Boeren verdwijnen in snel tempo, maar de veestapel wordt alleen maar groter door de grootschalige bedrijven van agrarische ondernemers, die zich steeds meer richten op de buitenlandse, in het geval van de grote geitenhouderijen, op de Chinese markt. Ook is men van plan om een 100 meter lange schuur te bouwen die niet passend is in het coulissen landschap. Het bedrijf van de heer Peters heeft de afgelopen jaren bij de ontwikkeling van zijn bedrijf al tegenwerking van de gemeente ondervonden. En nu is de vraag van de heer Dirk Peters: Waar kiest de overheid, voor: in het bijzonder nu deze gemeente, als vertegenwoordiger van bewoners? Laten wij een voorbeeld zijn met respect voor het milieu, en de gezondheid van de bewoners. Laten bewoners en overheid van Weststellingwerf zich van dit alles bewust zijn, en onze kwetsbare, maar mooie omgeving koesteren. Ons lijkt dat ook andere partijen in de raad die zich willen inzetten voor een leefbaar milieu daar een aandeel aan willen leveren. Laten we daar dan samen voor gáán.

 

Vragen aan het college naar aanleiding van de”Westwijzer“ in de Stellingwerf.

Krachtig Sociaal Groen Weststellingwerf heeft in een bericht in de Stellingwerf (Westwijzer) gelezen dat bestelauto’s niet meer welkom zijn op het afvalbrengstation in Wolvega.

 

Naar aanleiding van dit bericht hebben we contact opgenomen met de ambtenaar in de gemeente.  En deze heeft de vragen beantwoord. Maar waar gaat dit over? De reden van het weigeren van bestelauto’s vanaf 1 februari met een grijs kenteken op het afvalbrengstation is dat er vaak veel bedrijfsafval wordt gebracht met een bestelauto. Er geldt een uitzondering voor inwoners die alleen een bestelauto hebben onder bepaalde voorwaarden. Daarmee wordt een onderscheid gemaakt. Men is verplicht om zich van tevoren te melden en men mag niet meer dan 6 keer per jaar met een afvalpas huishoudelijk afval brengen naar het afvalstation.

Maar: mensen met een bestelwagen die geen bedrijf hebben betalen wel afvalstoffenheffing ! (Dit in tegenstelling tot zij die een bedrijf hebben, dus dat daar wat aan wordt gedaan is uiteraard terecht.)

 

De mensen zonder bedrijf worden dan, terwijl zij afvalstoffenheffing betalen, benadeeld/ ongelijk behandeld door deze nieuwe regels, die immers bedoeld zijn voor bedrijven die géén afvalstoffenheffing betalen.

 

Nee, er is van tevoren geen overleg over geweest met de raad. Veel mensen met een bestelwagen gebruiken deze omdat zij gehandicapt zijn, en nu moeten zij ook nog aan meer voorwaarden voldoen, terwijl zij-nogmaals- net zo veel aan afvalstoffenheffing betalen als ieder ander. Ook is het zo dat mensen met een personenauto met een aanhangwagen erachter, gewoon het hele jaar door zonder beperking afval mogen brengen.  Zij hoeven zich ook niet te melden. De gemeente maakt hier een onderscheid waar dat niet mag. Er vindt pas na drie maanden een evaluatie plaats, en het lijkt er nu op dat, als er intussen geen vragen of klachten zijn binnengekomen, deze regeling vastgesteld gaat worden. Of dat zo is?

 

Wij hebben artikel 31 vragen ingediend en wachten het antwoord af.